Philip (47) is nooit van plan geweest de wereld te verbeteren. Maar nu hij er toch mee bezig is, heeft hij een visie: “We kunnen voorkomen dat mensen overlijden aan cholera, diarree en andere ziektes. Heel eenvoudig. Ongelukken zullen blijven gebeuren, maar deze doden kunnen we voorkomen.”

Philip groeide op in het Keniaanse dorp Matsangoni in de buurt van Kilifi. Omdat Matsangoni geen eigen waterbron had, moesten de dorpelingen, inclusief Philip zelf, elke dag kilometers lopen om aan water te komen. Een groot ongemak, waar we in het Westen wel van gehoord hebben, maar waar je je nauwelijks iets bij voor kunt stellen; iedere keer weer met twee volle jerrycans een enorme afstand moeten lopen voor iets dat zo basaal is als water. Precies daarom wist Philip precies wat hij wilde doen met het geld dat hij de afgelopen jaren had gespaard.

“Toen ik getrouwd was en met mijn vrouw een eigen huis had, heb ik de 370.000 shilling (3300 euro) die ik had gespaard gebruikt om een waterbron in mijn tuin te laten bouwen.” Daarmee trok hij veel aandacht bij zijn dorpsgenoten. “Die wilden ook graag gebruik maken van de bron.” Philip heeft nooit nee verkocht. Hij vroeg alleen een paar shilling per jerrycan als bijdrage voor de onderhoudskosten. Het bleek al snel dat de 3000 euro een buitengewoon goede investering was. Met vers drinkwater binnen handbereik ging de kwaliteit van leven in het dorp met sprongen vooruit. “Maar”, zegt Philip, “er miste nog iets.”

Wat 2,5 miljard mensen moeten missen

Philip miste wat 2,5 miljard mensen dagelijks moeten missen. Een voorziening die misschien wel net zo primair is als toegang tot schoon drinkwater: een wc. Het getal 2,5 miljard is afkomstig van de Britse James Research Group die een antwoord wilde vinden op de vraag: Wat is het grootste probleem ter wereld en hoe los je dat op? Na 700 rapporten te hebben doorgespit, was de verrassende conclusie dat door een gebrek aan sanitaire voorzieningen

  • dagelijks duizenden kinderen overlijden aan diarree en cholera,
  • vrouwen vanwege hun menstruatie niet of te weinig naar school gaan en
  • vrouwen extra kwetsbaar zijn voor geweld en verkrachting.

Geen sanitair eindigde met stip bovenaan de lijst met ‘grootste problemen’. Toch zijn er maar enkele organisaties die zich inzetten voor toiletten. “Het onderwerp is niet glamoureus”, concludeert John Peter Archer van de James Research Group.

In het donker zie je niks in de bosjes. Dan stapte ik wel eens in de poep van iemand anders. Dat wilde ik niet meer.

Glamoureus is wel het laatste woord dat Philip zou gebruiken om zijn leven zonder wc te omschrijven. “Steeds als ik mijn behoefte moest doen, deed ik dat in de bosjes”, vertelt Philip. “Soms moest ik ’s avonds. Als het regende. In het donker zie je niks in de bosjes. Dan stapte ik wel eens in de poep van iemand anders. Als ik weer binnen was, was ik nat en vuil. Dat wilde ik niet meer.”

Dat het anders kon en moest, ontdekte Philip als werknemer in de hotelbranche. Daar leerde hij over hygiëne en de ziektes die contact met uitwerpselen kan veroorzaken.

Die kennis kwam bovenop het dagelijkse ongemak. Zodoende begon hij aan de bouw van een toilet bij zijn huis. En opnieuw trok hij veel aandacht van zijn dorpsgenoten.

 Overtuigende woorden

Philip is een charismatisch man. Hij ondersteunt zijn warme stem met grote armgebaren en een verwachtingsvolle blik. Bij een dorpsvergadering vertelde hij dat poep en urine mensen ziek kunnen maken. En dat hij dankzij zijn eigen wc nooit meer in andermans poep hoefde te stappen. Het lukte hem om zijn dorpsgenoten te overtuigen óók een wc bij hun huis te bouwen.

Met een eigen waterbron en een wc bij bijna elk huis in het dorp begon het zaadje in Philips hoofd te kiemen. Hij kon iets veranderen. Maar als hij meer wilde, zou hem dat niet alleen lukken, realiseerde hij zich. “Daarom sprak ik Marion [van de Voort, red.] aan. Ik zag haar altijd druk aan het werk en wist dat ze met waterprojecten bezig was. ‘Jullie bouwen waterputten, maar dat is niet genoeg’, zei ik.” Marion, die de Nederlandse stichting Pamoja Kenya runt, wilde meer weten en besloot samen met Philip het Flush, Shower & Go-project te starten.

Het eerste resultaat van het project is een toiletgebouw met twee douches bij het marktplein van Philips dorp. Verkopers en bezoekers van de markt kunnen gebruikmaken van de wc’s en douches voor tien of twintig shilling. “Dat is een bedrag dat iedereen kan missen.” Philip benadrukt het belang van betalen: “Alles wat je gratis doet, stort in elkaar. Zonder geld voor onderhoud gaat het nooit werken.” De inkomsten gaan deels naar een dorpsbewoner die het gebouw beheert en schoonhoudt. Een deel van de inkomsten vloeit terug naar de gemeenschap en de rest vormt een onkostenvergoeding voor Philip. Hij is aangesteld als supervisor en controleert regelmatig of het sanitair schoon en heel is.

Het toiletgebouw is gebouwd door vakmannen uit het dorp. De lokale overheid stelde de benodigde grond gratis ter beschikking. En Pamoja Kenya organiseerde een crowdfundingcampagne om de benodigde 7000 euro voor de bouwmaterialen en daglonen van de arbeiders te betalen. De investering moet de komende jaren terug worden verdiend. De betalingen aan de toiletjuffrouw leveren haar maandelijks omgerekend een paar honderd euro op. Geen vetpot, maar een redelijk bedrag om mee rond te komen, zegt Philip.

 ‘Ze hebben geen keus’

Het is de bedoeling dat er in nog minimaal vijf andere dorpen een openbaar toiletgebouw komt in samenwerking met Pamoja Kenya. In al die dorpen spreekt Philip ook met het dorpshoofd en later met de dorpsbewoners tijdens een vergadering. Hij vertrouwt op zijn eigen overtuigingskracht en de macht van de dorpshoofden. “Als het dorpshoofd bij de vergadering zegt dat alle bewoners een toilet moeten bouwen bij hun huis, dan zullen ze een toilet bouwen. Ze hebben geen keus.”

Ik zei: ‘Oké. Laten we dit kantoor uitlopen en onze behoefte in de bosjes doen.’ Dat wilde hij natuurlijk niet.

Philip kijkt nog niet verder vooruit dan de vijf dorpen waar hij nu zijn pijlen op heeft gericht. Maar waarom zou het daar stoppen? Overal waar hij komt probeert hij mensen te overtuigen. “Ik sprak in Nederland een man die waterpompen plaats in Afrika. Ik zei dat hij niet alleen pompen moest plaatsen, maar ook sanitair moest verzorgen. Hij snapte niet waarom hij dat zou doen. Zolang hij in Afrika kwam had hij gezien dat mensen hun behoefte in de bosjes deden. Dus waarom moest dat veranderen? Ik zei: ‘Oké. Laten we dit kantoor uitlopen en onze behoefte in de bosjes doen.’ Dat wilde hij natuurlijk niet. Ik vertelde hem dat we altijd naar de bosjes gingen omdat we niets beters hadden. Nu weet ik hoe belangrijk goed sanitair is. Als mensen over de hele wereld de voorzieningen zouden hebben die wij nu hebben in mijn dorp, dan zou veel ellende kunnen worden voorkomen.”

Help mij om meer van dit soort verhalen te maken. Koop het boek dat ik schrijf over kleinschalige ontwikkelingssamenwerking.